Feyenoord begon op Het Kasteel met drie debutanten in de basis. Tjark Ernst kreeg de voorkeur onder de lat, terwijl ook Mika Mármol en Charles Vanhoutte aan de aftrap verschenen. Van Bronckhorst keerde na ruim zeven jaar terug op de bank van Feyenoord. Bij Sparta stond met Rogier Meijer eveneens een nieuwe trainer langs de lijn.
In een levendige wedstrijd had Feyenoord het meeste balbezit en creëerde het de beste kansen. De bezoekers speelden fris en waren aanvallend gevaarlijk. Sparta kwam af en toe dreigend voor het doel, maar kon voetballend moeilijk gelijke tred houden met de stadgenoot.
Tien minuten voor rust kreeg Feyenoord loon naar werken. Luciano Valente rondde een goede voorbereiding van Gjivai Zechiël af en schoof de 0-1 binnen.
Ook na rust hield Feyenoord de controle. Sparta had lange tijd weinig in te brengen en kwam nauwelijks op de helft van de bezoekers. Feyenoord kreeg kansen om de wedstrijd definitief te beslissen, maar liet die onbenut. Daardoor bleef Sparta hoop houden op een late gelijkmaker.
Die kwam er uiteindelijk niet, al was Feyenoord daar in de slotfase dicht bij verwijderd. Milan Zonneveld leek drie minuten voor tijd de gelijkmaker binnen te schieten, maar zijn treffer werd vanwege buitenspel afgekeurd.
In de allerlaatste seconden dacht Zonneveld opnieuw te scoren. Scheidsrechter Sander van der Eijk keurde ook die treffer af. De invaller had voorafgaand aan zijn doelpunt een overtreding gemaakt met een klein duwtje.

28.6 ℃





































